Stad van Oranje

In de winter van het jaar 1590 plundert een compagnie Spaanse soldaten het dorpje van Berte de Bruijn, de dochter van een klompenmaker en de vriendin van Dirk Janszoon.
Dirk zelf woont in een eenvoudige boerderij aan de rand van een uitgestrekt heideveld, waar weinig of niets van de oorlog te merken is. Maar als hij hoort van de plundering en op dezelfde dag ontdekt dat een Spaanse musketier zijn vader verdenkt van spionage voor het Oranjeleger, zit hij al heel snel tot over zijn oren in het oorlogsgeweld.
Hendrik Janszoon wordt gearresteerd en omdat Dirk een paar jaar eerder zijn moeder aan de Pest verloren heeft, wil hij er nu alles aan doen om te voorkomen dat zijn vader als spion terechtgesteld zal worden. Na een dappere bevrijdingspoging in een groot tentenkamp, besluiten Berte en Dirk om het Oranjeleger van prins Maurits te helpen bij de verovering van de stad Breda. Alleen als de list met het turfschip lukt, kan het Spaanse leger verdreven worden en hebben Dirk en zijn vader weer kans op een normaal leven!